www.coalitievoorveiligheid.nl
Contact met ons

Beperkingen en toegenomen werkdruk bij de Justitiële Instellingen

Door: Justitievakbond Juvox

Ook in het gevangeniswezen is door corona nog maar beperkt contact mogelijk. Dat heeft gevolgen voor de gedetineerden en de medewerkers van de Dienst Justitiële Inrichtingen die daar hun werk doen. Casemanager Gerard Reinders vertelt over wat het voor hem betekent en voor de Penitentiaire Inrichtingswerkers (PIW’ers), die er behoorlijk wat werk bij hebben gekregen.

Als casemanager werkt Gerard aan detentie en re-integratieprocessen. Doel is om gedetineerden (gefaseerd) terug te laten keren in de samenleving. Naar aanleiding van een reclasseringsrapport wordt een plan gemaakt, waarmee de gedetineerde zich kan ontwikkelen en op zijn of haar terugkomst kan voorbereiden. PIW’ers hebben een mentorrol en begeleiden de gedetineerden daarin.

Door corona zijn alle verloven voor gedetineerden ingetrokken of stopgezet. Ook is het niet mogelijk voor gedetineerden om naar een lichter regime te worden overgeplaatst ook al komen ze daar voor in aanmerking. Het enige wat mogelijk is voor een gedetineerde om de inrichting te verlaten is met ontslag of start van het penitentiair programma (PP): de enkelband. Gerard vertelt: “Ook hierbij moet ik zeggen dat een gedetineerde alleen met de enkelband naar buiten gaat als hij gegarandeerd werk heeft. Hij is namelijk verplicht om 26 uur per week te werken. Is een bedrijf gesloten, dan gaat hij niet met PP. Je kunt je dus wel voorstellen dat gedetineerden erg veel vragen hebben, frustraties hebben en zorgen hebben voor thuis.”

Normaal gesproken ging Gerard dagelijks naar een inrichting. Nu nog maar een enkele keer per week en niet verder dan het voorgebouw. Casemanagers worden als eventuele bron van besmetting gezien. “Gedetineerden hebben erg veel vragen, frustraties en zorgen voor thuis. Onder normale omstandigheden kon ik daarover met hen in gesprek. Nu moet dat telefonisch.” Laatst had Gerard een slechtnieuwsgesprek met een gedetineerde. Ook weer via de telefoon. “Gevolg was dat de hoorn erop werd gegooid. Mijn conclusie: dat werkte dus niet. Als casemanager is een belangrijk deel van je werk, namelijk het contact met de gedetineerden, weggevallen en dat is een vreemde gewaarwording.”

Voor het contact met gedetineerden is Gerard nu veelal afhankelijk van de PIW’ers die samen met de medische dienst nog wel op de afdeling staan. Heeft Gerard een beschikking, zoals een afwijzing van een detentiefasering, dan moet een PIW’er die overhandigen aan de gedetineerde. “Dat betekent dat zij in gesprek mogen met de gedetineerden die een afwijzing hebben gekregen, maar ook te maken krijgen met die boze meneer die de hoorn erop gooide omdat het hem niet aanstond wat er tegen hem gezegd werd.” Maar de PIW’ers moeten nu ook al het papierwerk van de casemanagers printen, laten tekenen door gedetineerden en vervolgens weer inscannen en doormailen. “En dat allemaal bovenop hun normale taken.

PIW’ers krijgen te maken met spanningen op de afdeling, gedetineerden die het niet meer zien zitten, gedetineerden die proberen een opstand uit te lokken. Gedetineerden die boos worden omdat een telefoon stuk gaat en iedereen wil bellen met het thuisfront. Ook mogen ze alles rondom het skypen begeleiden, wat nu ingezet wordt vanwege de corona-maatregelen. Niet alleen de casemanagers, ook de reclassering (uitzonderingen daargelaten), bibliotheek, interventietrainers: ze zijn nu allemaal afhankelijk van de inzet van PIW’ers om zaken voor hen waar te nemen en te regelen. Vanaf deze positie maak ik ze als casemanager een groot compliment.

Dit interview is deel van een reeks over de inzet van professionals in de veiligheid tijdens corona.
Je vindt deze reeks op: https://www.facebook.com/CoaVeiligheid

Terug naar overzicht